Kenny De Cuyper
is zorgmanager geriatrie in het AZ Nikolaas. Kenny doceert ook aan de Antwerpse Karel de Grote Hogeschool.

Wie wil centraal staan?
Gaat het om persoonsgerichte of belevingsgerichte zorg, om ge´ntegreerde of taakgerichte zorg? Staat de patiŰnt in het midden of is hij een schakel van de kring?

De zomer is een seizoen waar ik toch met enig verlangen naar uitkijk. Een leuke vakantiebestemming is mooi meegenomen, maar voor mij betekent de lange pauze in het academiejaar vooral een periode van herbronnen, gebeurtenissen laten bezinken en focussen op mijn ziekenhuisactiviteiten.

Een vraag die mij ondertussen bezighoudt, gaat terug tot de basis van verpleegkunde, namelijk naar de positie van de zorgvrager in het hulpverleningsmodel. Gaat het om persoonsgerichte of belevingsgerichte zorg, om geïntegreerde of taakgerichte zorg? Staat de patiënt in het midden of is hij een schakel van de kring?

Niet zo lang geleden vertelde een directeur patiëntenzorg: ‘Zet de verpleegkundige centraal. Als de werknemer zich goed/gewaardeerd voelt, dan zal de kwaliteit van zorg voor de patiënt automatisch in de goede richting gaan.’ Een beleidsman binnen de sector van ouderenzorg zei eerder: ‘De oudere, thuiswonende zorgvrager staat centraal, totdat de verlofperiode begint en veel zorgverleners met vakantie gaan. Dan moet de oudere flexibel zijn, wordt een ander weekschema voorgelegd en moet hij tevreden zijn met diegene die beschikbaar is om de (thuiszorg)toer er bij te pakken.’ Een chirurg zei me ooit: ‘Voor mij ligt de prioriteit bij succesvolle operaties. Wat nadien volgt, is niet bepaald mijn ding. Daar liggen uitdagingen voor het verplegend team, toch?’

Moet elke hulpverlener dan werkelijk zelf het ‘nummer’-gevoel ervaren zoals een patiënt? En wordt het onderwerp ‘de zorgrelatie centraal’ misschien veel te kort bediscussieerd in de basisopleiding?
Er zijn veel (nieuwe) hulpverleners met goede intenties, maar even snel komt de vloek van ‘geen tijd’ aanwaaien. De stijging van de populatie met een chronische hulpvraag zal hier een rol spelen. Het gamma van diagnostische mogelijkheden en een hogere turnover dan in de buurlanden, zullen er zeker ook toe bijdragen. Maar moet de vraag niet worden gesteld of er te veel tijd gaat naar (extra) onderzoeken, die de werkdruk en stress verhogen? Gaat het om cijfers of om mensen? Of speelt eigenbelang en positioneringsdrang een grotere rol? Is er voldoende tijd voor een transparante (multidisciplinaire) communicatie of duwt die werkdruk de regel naar voor: wie het hardst roept…?

Ik ben ervan overtuigd dat de zorgrelatie centraal dient te staan, die door elke discipline en samen als prioritair basisbeginsel geldt.

 

 

Geef uw Gebruikersnaam en Paswoord.
Gebruikersnaam
Paswoord
Blijf ingelogd
Paswoord vergeten?