Nieuws NVKVV
Terug

Nieuw intersectoraal kaderakkoord uitlenen van personeel

PC 330.110 t.e.m. 30 juni 2021

De vierde coronagolf weegt opnieuw erg zwaar op de arbeidsomstandigheden van de medewerkers in heel wat zorg- en welzijnssectoren. Een stijgende uitval van personeel, door ziekte en door quarantaine, heeft impact op de arbeidsorganisatie.
 
De intersectorale sociale partners sloten voor de sector opnieuw een kaderakkoord voor het uitlenen van werknemers tijdens de uitzonderlijke omstandigheden van de aanhoudende coronacrisis. Op deze manier wordt een antwoord geboden op de personeelsnoden van sociale ondernemingen.

Met het kaderakkoord wordt een kader van afspraken en voorwaarden geboden waarbinnen werknemers tijdens de coronacrisis arbeidsprestaties kunnen leveren op een andere tewerkstellingsplaats dan hun feitelijke of contractuele tewerkstellingsplaats bij de werkgever waarmee ze door een arbeidsovereenkomst verbonden zijn. Vrijwilligheid staat centraal. De werknemer kan het initiatief nemen, maar ook kan de werknemer vragen om tijdelijk elders te werken, al is  de werknemer vrij om hier al dan niet op in te gaan.

De afspraken worden opgenomen in een driepartijen uitleningsovereenkomst tussen de werkgever (de bestaande werkgever), de gebruiker (de tijdelijke nieuwe werkgever) en de werknemer. Die uitleningsovereenkomst regelt onder meer de duur van de overeenkomst, de functie en de taken bij de gebruiker, de plaats van tewerkstelling en de loon- en arbeidsvoorwaarden.

Zowel de werknemersorganisaties in de syndicale afvaardiging van de werkgever als deze van de gebruiker dienen zich, bij ontstentenis van de ondernemingsraad, bij ontstentenis van het comité preventie en bescherming op het werk, akkoord te verklaren met de tijdelijke uitlening.

Het kaderakkoord is tijdelijk en loopt tot en met 30 juni 2022.